De maaren liggen in een groep van drie naast elkaar in een lint van het noordwesten naar het zuidoosten.
Ze zijn na elkaar langs een geologische breuklijn ontstaan en de vulkanische activiteit verplaatste zich van het noordwesten naar het zuidoosten. De Hitsche is daarmee de oudste en de Holzmaar de jongste maar uit deze groep.
De drie maaren zijn ontstaan in het Weichsel Glaciaal en zijn vermoedelijk meer dan 20.000 jaar oud.
De leeftijd van de drie maaren kan worden afgeleid uit de volgorde van de tufsteenafzettingen, omdat het tufsteen van de Hitsche wordt bedekt door dat van de Dürrren Maar en het tufsteen van het Dürren Maar op zijn beurt wordt bedekt door dat van de Holzmaar.
De Hitsche is met een doorsnee van circa 60 meter en een diepte van 5 meter de kleinste maar in de Eifel. Hij is nog maar net te herkennen als bijna ronde slenk tussen de velden, omgeven door rietgras en zegge. Het proces van dichtgooien en daarmee ook de uitdroging van de Hitsche werd door zijn geringe grootte versneld.
De Dürre Maar ligt circa 140 m ten zuidoosten van de Hitsche, is opgedroogd en bevindt zich in het hoogveenstadium. Het is een paradijs voor plantkundigen en ornithologen.
Op circa 400 m ten zuidoosten van de Dürre Maar ligt de Holzmaar, waarvan het verlandingsproces door zijn grootte nog niet zover voortgeschreden is als bij de twee kleinere maaren. De zuidelijke oever is echter al grotendeels verland en beschikt over een waardevolle flora. De omgeving van het Holzmaar is een beschermd natuurgebied.